maandag 31 augustus 2015

Hoffelijkheid in het verkeer

Tijdens mijn reis naar Frankrijk viel het verschil in het verkeer tussen de verschillende landen weer op.

In Nederland houdt men zich strikt aan de regels, men neemt voorrang als het mag. Je bent een gelijkwaardige verkeersdeelnemer. Het is in ieder geval duidelijk.

In Zeeland veranderde dit deels. Daar waren namelijk veel Duitsers op vakantie. Duitsers blijken namelijk veel hoffelijker met fietsers (velomobielen) om te gaan. Zij wachtten vaak en gaven voorrang, terwijl dat strikt genomen niet nodig was.

De Belgen lijken hier een beetje tussenin te zitten.

In Frankrijk wachtten automobilisten geduldig totdat ze veilig konden passeren. Als er een doorgetrokken streep was werd er meestal gewacht, totdat passeren weer toegestaan was. Ook als ik met vijf kilometer per uur tegen een heuvel opklauterde. Daarnaast zijn er in Frankrijk natuurlijk veel minder fietspaden. Zelfs op grotere wegen kan men fietsers tegenkomen, en men ging altijd ruim om mij heen. Natuurlijk zijn gescheiden banen veiliger, maar men lijkt er in Frankrijk misschien wel meer bewust van te zijn dat men banen deelt met andere verkeersgebruikers. Natuurlijk kan ook meespelen dat een fietser op de weg een zeldzaamheid is, en dat dit tot meer tolerantie leidt.
En een velomobiel was natuurlijk helemaal een verschijning, men groette, stopte om te fotograferen, claxonneerde, en wilde eindeloos praatjes maken. Vaak niet over de prijs, zoals in Nederland, maar over de aandrijving: Electrique ou pedaler? Pedaler..

Onweer

Lichte regen stond er op buienradar. Binnen een paar minuten flitste het aan alle kanten om mij heen. Ik ben omgedraaid. Onweer in de polder voelt niet veilig. De Bak is geen kooi van Faraday.

dinsdag 25 augustus 2015

Dag 19 - Terug naar huis

Elke dag maak ik plannen, die ik bijna nooit haal. Zo had ik gisteren Mechelen als doel, maar kwam ik net voorbij Geraardsbergen. De dag ervoor wilde ik naar Cambrai, maar kwam ik niet verder dan Saint-Quentin. Wat is dat toch met die doelen die we ons zelf stellen. Maar ja, mijn hoofddoel was om in 4 dagen thuis te zijn. Waar zou ik vandaag eindigen. Ik wilde wel naar huis, maar dat was nog ongeveer 300 kilometer. Zover heb ik nog nooit achtereen gefietst. Het lastige met de track van de Europafietsers is dat ik nauwelijks een goed idee heb welke plaatsen ik langskom. Op de GPS is dat niet goed zichtbaar te maken (door mij). Dus plannen is lastig. Ik denk dat het bij je hebben van het boekje handig is, om zo een beter overzicht te hebben. Op camping 'De Gavers' stonden nog enkele andere fietsers. Twee zwagers, op weg naar Santiago, heel goed voorbereid. Ze hadden dezelfde fietsen gekocht. Ze hadden ook dezelfde verzetten, en hadden het boekje. Ze hadden geen GPS en misten de track toch wel. Ik moet er niet aan denken. Bij elke bocht in dat boekje te kijken of je rechts- of linksaf moet. Bovendien is de kaart in het boekje niet voldoende om de wegen te bepalen, dus je moet lezen. Maar zij hadden een standaard op het stuur, dus het ging allemaal wel. Alles was gepland, 70 kilometer per dag en zij wilden na ongeveer 5 weken aankomen. Zij gaan het denk ik wel redden. Er stond ook een man die alleen fietste. Hij had drie weken vakantie en wilde ook naar Santiago. Hij had een enorme pens, en pafte ook nog fiks. Gaf aan dat hij niet getraind en onvoorbereid was. De eerste dag was geen succes geweest. Hij was uit Amersfoort vertrokken, tot Breda gereden en het toen zo zat, ook vanwege het slechte weer, dat hij een hotel had opgezocht. Op dag twee was hij naar Geraardsbergen gereden, toch zo maar even 150 kilometer, hij was er trots op en met recht. Maar eten had hij geen zin in, dus het was de McDonalds geworden. Als je 3 weken hebt, en naar Santiago wilt, dan moet je gemiddeld 125 kilometer per dag doen. Daar heb je discipline voor nodig. Ik zie het hem niet doen en ik denk niet dat hij het leuk gaat vinden. Hij wilde nu met de twee zwagers een dagje meefietsen. Zij reden maximaal 16 kilometer per uur, gemiddeld 12. Achteraf had ik hem willen aanraden om wat minder te fietsen en meer te gaan genieten.
Maar ja, hoe zit dat dan met mij? Ik rij in 4 dagen terug. Het is zwaar, ik heb het niet altijd leuk gevonden. De fiets is meer een vervoermiddel. Ik heb de heuvels vervloekt, net als het lege Franse land, zonder enige voorzieningen. En nu dan de laatste dag. Ik heb op deze dag veel Santiago fietsers gezien, meer dan alle dagen hiervoor. Tot nu toe had ik vier mensen met bagage op de track zien fietsen. Op deze camping stonden 5 fietsers, en ik kwam er nog zeker een stuk of 10 tegen. Is het toeval, of geven een hoop mensen het op na Geraardsbergen, als de eerste glooiingen beginnen? Ik heb geen idee, maar het viel wel op. In ieder geval vertelden zij mij dat ik geen heuvel meer zou tegenkomen. Mooi!
Uiteindelijk kon ik pas om kwart voor 9 weg. De oorzaak was het laden van mijn batterijen voor de GPS. Dat was hard nodig en kon bij de receptie, die helaas later openging dan verwacht. De route liep eerst verder langs 'De Dender' richting Ninove om vervolgens een aantal oude spoorwegen op te pakken. Lekker lange rechte stukken. 

De Dender

Ik kon er net langs
Na 70 kilometer kwam ik in Mechelen, zag er prachtig uit, maar ik ben direct door gereden. 



Verder door het Vlaamse land. Langs de Nete naar het mooie stadje Lier, waar ik vorig jaar ook al langs was gefietst ging het verder richting Breda. 

De Nete, een getijde rivier
Grotendeels door rommelig Vlaams landschap wat mij niet kan bekoren. Veel stinkende landbouw, overal bebouwing, geen natuurgebieden. Het weer hielp ook niet, het werd langzaamaan minder en begon te miezeren. Opeens zag ik de windmolens, die staan vlakbij de grens. De route leidde nog even naar het fietspad langs het beekje 'Mark'. De kwaliteit van het fietspad liet te wensen over, ook de passages over de beek waren niet altijd evident. 




Bij onderstaande paal werd de kwaliteit van het fietspad snel beter, rond 4 uur was ik in Breda. na een korte stop wilde ik verder. 



De track leidde richting Dordrecht. En dan ben je om een uur of 6 al in Zuid-Holland, bij het Hollandsch Diep. In Zuid-Holland ben ik bijna thuis, denk je... Via Dordrecht langs de westkant van Rotterdam. De eerste twee veren gingen snel, de laatste die ik nodig had, bij Krimpen aan de IJssel, had om kwart voor acht zijn laatste afvaart. Ik was er om tien voor 8. Omrijden, naar de eerste brug, pfff. Het regende inmiddels, het was vies en koud, bah. Vervolgens prachtige fietspaden langs de Rottemeren, met uitzicht op de verlichte skyline van Rotterdam. Maar ik was bang dat er op een gegeven moment weer een pont zou komen, dus ik besloot een grotere weg naar Zoetermeer te volgen. Had ik het maar niet gedaan... Zoetermeer is zo'n dwaalstad, maar gelukkig heb ik uiteindelijk de weg naar Leiden gevonden. Op dit fietspad naar Leiden een voor mij handige noviteit. Kattenogen midden op het fietspad maakte het een stuk gemakkelijker om door te blijven fietsen, ook als je door tegenliggers verblind wordt. Nog even probeerde bij Sassenheim de McDonalds mij te verleiden, zonder succes. Het moet er wel heel erg aan toe zijn met mij wil ik daar vrijwillig gaan eten, ik vind het helemaal niets. Ik dacht aan de fietsers die Parijs - Brest - Parijs, een vier keer zo'n lange afstand rijden. Ik heb groot respect voor hen. Ook ik zag allerlei beelden op de weg. Allerlei rare vormen op de weg. Ik was moe, mijn geest kon de spiegelingen op de natte fietspaden niet meer goed zien. Ik had continu angst voor een klapband, want beide banden waren aan het einde van hun levensduur en gingen hobbelen op de resten van het kale canvas. Al sinds Noord-Frankrijk speelde dit probleem, ik had, volgend mij naar voorbeeld van Peter de Rond, stevig zacht klittenband over het dunne gedeelte geplakt. Ik had een reserveband bij me, maar een ander type, en ik zou scheef gaan rijden, maar even uitstellen. In Nederland begon ook mijn ander band te hobbelen. Het voelde een beetje als Russische roulette. Via de Haarlemmermeer terug naar huis, zonder klapband.

Dag afstand: 308 kilometer, voor mij een dagrecord. Maar dat telde eigenlijk niet. Ik was thuis.
Totale afstand reis: 1545 kilometer.


maandag 24 augustus 2015

Dag 18 - De terugreis - Saint Quentin - Geraardsbergen

Het weer was goed en ik vertrok op tijd. Eerst langs het 'Canal de Saint Quentin', de eerste 7 kilometers lekker vlak doorkarren. De eerste 5 procent alweer gedaan, dat schiet op.

Langs het kanaal van Saint Quentin

Vervolgens door een glooiend landschap langs de bron van de Schelde en door de vallei van de Schelde. Prachtig fietsgebied.

De Schelde, na een kilometer of 10
Hier de eerste lekke band, een doorntje verwijderd en weer verder. De regio lijkt rijker dan meer naar het zuiden, moioe goed onderhouden huizen, een plezierige sfeer. De hobbelende linker voorband blijft echter een zorgenkindje. Het rijdt eigenlijk wel lekker en daar is Cambrai al. Een grotere stad waar ik met ongeveer 50 via een lange afdaling naar binnen suis.

Cambrai op de zondagochtend
Hier begint de linker voordemper wel erg te kreunen. Naast de rollende balletjes begint hij hier vervaarlijk te kraken. Er zou toch niet echt iets aan de hand zijn. Op het centrale plein is het kermis en pardoes rij ik meteen tegen het verkeer in. Ja, die track die komt vanuit het noorden. De terrasjes zijn open, ik ben in Noord-Frankrijk het gaat goed. Uiteindelijk een terras waar ook wat broodjes te eten zijn en ik heb mij weer lekker volgestouwd. Nu had ik de angst dat na Cambrai de Ardennen langzamerhand wel zouden beginnen, dat viel mee, het landschap werd nog platter dan dat het al was. Ik rij de stad uit over lange, goede doorgaande wegen, waar het gas er goed op kan. Ik passeer enkele energie centrales. Je zou ze maar in je achtertuin hebben. En wij klagen over windmolens.

Liever een windmolen in de achtertuin
Inmiddels ben ik in het gebied gekomen dat 'la porte de Hainaut', de poort van Henegouwen, dat is bijna België. Ik rij over een mooi fietspad door het bos en voel de grens dichterbij komen. Nog even en het Vlaams zal weer gesproken worden. Op de grens is alleen nog een bronzen grenswachter, die iedereen vriendelijk laat passeren.

Grenswachter bij Brunehaut


En ik ben in België bij Brunehaut. Geen Kemmelberg, maar een weg met de typische Belgische betonplaten. Al snel heb ik het jaagpad naar Tournai te pakken. Heerlijk vlak weer. Waar blijven die Ardennen. Van mij hoeven ze niet te komen.

Lekker fietspad langs het kanaal naar Tournai (Doornik)
Wel besluit ik hier om een wat langere stop te maken. De voordemper kraakt verschrikkelijk en ik wil proberen dat op te lossen. Ik heb kopervet en alle sleutels bij mij, dus waarom niet. Na drie kwartier prutsen heb ik het voor elkaar, en warempel, er komt geen geluid meer uit de demper. Verontruste passerende vroegen zich ongerust af of ik gecrasht was.

Tournai

Na Tournai begint het te glooien, ik kijk dat zo eens aan en moet er eigenlijk binnensmonds om lachen. Dit is geen uitdaging meer. Ok, het gaat even langzamer heuvelop, maar zwaar is het niet.
Uiteindelijk beland ik in Lesinnes, de laatste franstalige plaats. Zoevend langs de Dender rijd ik Geraardsbergen binnen en eindig op Provinciaal Domein De Gavers. Ik heb een goede dag achter de rug.



Kilometers 173
Hoogtemeters 1002