zondag 27 mei 2018

Van Maas naar Moezel

Zou ik naar de bron van de Maas rijden of niet, dat was gisteren de vraag die mij bezig hield. Het kon in principe wel, maar dan moest alles verder wel goed lopen. Ik zou dan thuiskomen en meteen weer aan het werk moeten. Ik moest dan meteen weer op pad. Ook kraakte de veerpoot nog steeds verschrikkelijk, zou dit allemaal wel goed gaan? Ik besloot naar de Moezel af te slaan en weer naar het noorden af te buigen. De route van Benjaminse gaf de mogelijkheid tot een doorsteek bij Bannoncourt zo'n 30 kilometer ten zuiden van Verdun. Dat zou ik gaan doen. De track stond op mijn Garmin. Het weer was voor de eerste keer wat minder, het regende eerst, het was bewolkt en fris. Prima fietsweer, maar ik vertrok daardoor wel later dan anders. Na Verdun uitgereden te zijn volgde ik een vlakke weg, waarop ik steeds ongeveer 30 kon rijden.

De Bak in Verdun
Lange vlakke wegen

De telefoon deed het nog steeds niet, foto´s konden gelukkig ook met de Garmin gemaakt worden. Na een dik uur linksaf, de Maas over. Het is inmiddels nog maar een bescheiden rivier.

Nog één keer de Maas over

Maasvallei bij Bannoncourt

Het Maasdal uit. Meteen begon de weg te stijgen, maar het viel niet tegen, na een afdaling kon ik aan de volgende klim beginnen. Onderweg stonden meerder religieuze kruizen en magische stenen, ik kon ze zittend vanuit De Bak fotograferen. Ik ben bij Lacroix-sur-Meuse, een dorpje van niets in het niets. Toch blijkt het blijkt een stokoud dorp, met een lange religieuze geschiedenis.




Eerst nog door open land, daarna door bosgebied kwam ik boven op de heuvelrug. Hier ging ik het Maasdal echt uit. Beneden lag het Meer van Madine in een grote vlakte. Ik had het gevoel in een andere wereld terecht te komen. Bij het meer lag hotel-restaurant Lac de Madine. Het leek mij een perfecte stop. En hoewel het dorp uitgestorven was, zat het restaurant tot mijn verbazing stampvol, misschien wel 150 mensen. Oma vierde onder andere haar 90e verjaardag, maar er was ook veel los publiek. Het zag er luxe uit. Liep ik daar rond in mijn fietserskloffie, ruikend naar Wilco. Ik kreeg een tafel in de hoek, maar dat was ook de enige nog vrije tafel in dit etablissement. Het eten was fantastisch. Later werd mij geopperd dat het Hemelvaart was. Geen moment aan gedacht. Na langs het meer gereden te zijn ging het weer omhoog. Een leeg landschap, slechts hier en daar een dorpje. En dan .. een afdaling die niet ophoudt. Een aantal keren gestopt om de remmen te laten koelen en er water overheen gegooid. Desondanks zijn de naafdoppen weer goed gesmolten. Uiteindelijk bereikte ik de Moezel bij Pagny-sur-Moselle. Na een paar kilometer grote weg kon ik de Moezel fietsroute oppakken en weer prachtig langs de rivier gaan draaien, alhoewel soms over slechte wegen. Ik merkte dat ik het hier mooier vond dan het laatste stuk langs de Maas. Dat was ruim en open en leeg. Langs de Moezel voelde het intiemer, veel meer bos. Ik kwam langs de oude Romeinse Aquaduct, dat ik ooit eerder wandelend langs de GR5 gepasseerd was.


Resten van Romeins Aquaduct ten zuiden van Metz

Rond kwart over 6 arriveerde ik bij Metz, mijn doel voor de dag. Voor de camping stond een man in uniform iedereen tegen te houden. De camping zou vol zijn. Ik moest maar even wachten. Uiteindelijk ging deze meneer voor mij vragen of er nog een plekje was, het antwoord was 'nee'. Of ik niet zelf mocht vragen, uiteindelijk mocht dat, maar het antwoord bleef nee. De dichtstbijzijnde camping in noordelijke richting zou in Thionville zijn, ongeveer 15 kilometer verderop. De mevrouw van de camping wilde wel bellen of daar nog plek was. Ook vol. Wat de doen? Terug naar een camping 10 kilometer zuidelijk? Zag ik niet zo zitten. Verder maar, richting Thionville. Als snel bleek het geen 15, maar 32 kilometer te zijn. Maar wel over fantastische fietspaden. Ik kon continu 30 rijden. Ik keek naar wildkampeer plekken, maar had daar eigenlijk niet zoveel zin in. Uiteindelijk arriveerde ik om kwart voor 8 in Thionville. Ik hield er rekening mee misschien wel tot Remich (Luxemburg) door te moeten rijden voor een camping. Maar de mevrouw van de camping onthaalde mij super vriendelijk. Natuurlijk was er plek voor een fietser. En wat voor een fiets, ik moest meteen op de foto.


Zoiets had ze nog nooit gezien. Ze bleek een boek bij te houden met vreemde vehikels, er stond een Twike in, bijzondere auto's en motoren. Maar een velomobiel, die ontbrak er nog aan. Ze had tegen de mevrouw van de camping in Metz inderdaad gezegd dat ik er niet zou kunnen kamperen. Maar vooral vanwege de tijd waarop ik zou arriveren vanuit Metz. De receptie sloot namelijk om 20.00 uur., ik zou er nooit voor die tijd kunnen zijn. Ik stond naast Fabrice, een Fransman die ook een rondje langs rivieren deed, met name de Saar en de Moezel. Hij was echter compleet op van zijn 90 kilometer vanaf Trier en ging snel onder zeil. Weer 141 kilometer weggetrapt.





vrijdag 25 mei 2018

Naar de frontlinie

Alweer een mooie dag, het is bijna saai, maar er waren wat meer wolken. Nadat ik de laatste uit Axel meegenomen ontbijtkruimels genuttigd had kon ik op stap. Eerst terug naar de route. Had ik dat maar niet gedaan. Het bleek een verschrikkelijk hotse-klotse pad, waar mijn veerpoot nog harder op steunde en kraakte. Terug naar de doorgaande weg. Al snel in Mouzon en daar mijn eerste pain au chocolat genuttigd en inkopen gedaan in de plaatselijke huit-à-huit. Daarna was het klimmen en dalen, de Maas zie je bijna niet. Ik kwam Adrien tegen, een Fransman die vanuit de Savoie onderweg was naar Velden bij Venlo. Hij had daar Nederlandse kennissen wonen. Ik kwam een Nederlandse mevrouw tegen, die bij de bron was begonnen, maar er nu erg doorheen zat. Ze was gevallen en vond het te heet. Ze wilde over een week in Hoek van Holland zijn. Ik verwacht niet dat ze dat redt, maar ik hoop wel dat ze een mooie en fijne tocht heeft gehad. Ze had namelijk nog grootsere plannen, ze wilde graag de Noordzee route gaan fietsen. Haar man zou haar ophalen indien nodig, ik hoop dat dat niet nodig is geweest.


Ik kwam langs Stenay, waar het Europees biermuseum is, vlak ervoor mijn eerste lekke band. Een glasscherf van een bierflesje? Nee, het ventiel bleek losgescheurd, ik kon de binnenband wegsmijten. Ter ere van dit museum toch even een biertje gedronken in het plaatselijk café. En 10 kilometer verderop weer een lekke band, nu wel een stukje glas. Langzamerhand werd het minder glooiend en nam de route meer doorgaande wegen richting Verdun.

Uitgestorven dorpen

Lege landschappen


Koolzaad
Vlak voor Verdun wilde ik eens op mijn telefoon kijken hoe laat het was. Hij was leeg, ik probeerde hem op te laden met een powerpack, maar hij was zo dood als een pier. Ik baalde, wat was er aan de hand, geen foto´s meer, geen Strava en ik kon niet meer bellen. Uiteindelijk bleken de foto's van deze dag al erg slecht. Waarschijnlijk heeft agressief zweet de elektronica aangetast.
In Verdun heb ik me op de camping geïnstalleerd. Even gebeld met een geleende telefoon. Onvoorstelbaar hoe ongeïnteresseerd mensen soms kunnen zijn. Ik vertelde even iets over mijn tocht en de eigenaar van de telefoon keek niet op of om, maar riep alle alleen zo nu en dan even 'mmm'. Ik vond het eigenlijk onbeschoft, maar heb wel even zijn telefoon mogen gebruiken. Nog even zwemmen in het zwembad en kletsen met andere mannen op de fiets. Vier Nederlanders die de frontlinieroute aan het fietsen waren. Gegeten in het restaurant op de camping. Wel zo gemakkelijk. Vandaag 104 kilometer gereden.






Op naar Frankrijk!

Op naar Frankrijk! Weer een schitterende dag. Maar ik heb vandaag de eerste 3 wolkjes gezien van de hele tocht. Om 7.15 op, kwart voor 10 op pad. Eerst 6 kilometer heerlijk afdalen, terug naar de Maas. Overigens ben ik er inmiddels achter dat er meer velonauten geblogd hebben over de tocht naar de bronnen van de Maas in 2011, waaronder Kees van Hattem en Cees Roozendaal.


Via een prima pad langs de Maas bereikte ik al snel Namur. De fortificaties op de berg liet ik voor wat ze waren en ik was al snel de stad door.




Richting Dinant werd de weg al snel minder. Enkele kasseienpaden mochten niet verbeterd worden vanwege de historische waarde.

Prachtig asfalt

Grof asfalt

Kasseien
Ik kwam langs Wepion, de aardbeienstad van de regio met museum. Mooie kasteeltjes aan de Maas.


Iets verder even een ochtendstop gedaan bij een frietkot, even wat drinken. Iets verder kwam ik al aan in Dinant. De geboorteplaats van Adolphe Sax, de uitvinder van de saxofoon. De brug stond vol met kunstzinnig vormgegeven uitvoeringen van dit blaasinstrument.



Na Dinant de sluizen over en een aantal kilometers over de doorgaande weg richting Givet in Frankrijk.



Heerlijk asfalt, lekker doorsjezen. Vlak voor Givet reed ik verkeerd, waardoor ik een mooi tot fietspad omgetoverde oude spoorlijn miste, maar ineens was ik in Frankrijk. Je ziet het meteen aan de typisch Franse appartementencomplexen. Ook weer een mooi vestingstadje.

Givet


Ooit ingepikt van de Belgen, met als gevolg dat men hier nog Waals spreekt. Het eerst volgende plaatsje had meteen zo'n typisch Franse brocante markt. Natuurlijk grote hilariteit en interesse in mijn kleine autootje.


En daarna kwam ik op de Voie Verte Trans-Ardennes, een werkelijk prachtig fietspad langs de Maas. Het gaat eindeloos door, perfect asfalt en vrij van auto's. Er werd gebruik gemaakt van deze fietsroute. Alleen bestemmingsverkeer is toegestaan. Natuurlijk rijdt er weer een Nederlander op de route. Hij wachtte netjes toen ik er aankwam, maar toen ik hem aangaf dat dit een fietsroute was en dat hij hier niet thuishoorde werd de dronken bijrijder meteen boos. Hij woonde hier, en had dus het recht om hier te rijden. Hij werd maar steeds door iedereen hier op aangesproken. Nadat ik hem gemeld heb dat als hij echt in Frankrijk woont ook Franse nummerplaten dient te hebben liet ik het er verder bij. Botte boer. Ik kwam een mevrouw tegen die naar de Spezi was geweest, een aantal vakantiefietsers, die mij, toen ik wegreed, nog wisten te waarschuwen dat ik mijn leesbril zojuist had verloren.


Tunneltje op de route




Hoe mooi de route ook is, hij is ook wat saai, het zicht blijft hetzelfde gedurende de 75 kilometer naar Charleville-Mézières en de dorpjes lijken op elkaar. Rond 6 uur was ik in Charleville en ik besloot nog even 25 kilometer door te rijden naar Sedan. Nog steeds over mooie fietspaden, maar ineens waren de heuvels weg. In Sedan aangekomen wilde ik naar de camping, die lag niet ver van de route, maar bleek gesloten. Wat te doen? Ik was inmiddels wel moe en ik heb even getwijfeld op de camping. Er was wel water, maar ja, dan sta je daar. Uiteindelijk camping le lac, 15 kilometer verderop in Douzy opgebeld. Daar kon ik terecht. De pasta met tonijn en saus at ik in het donker. 








woensdag 23 mei 2018

Eindelijk langs de Maas

Om 7 uur stak ik mijn hoofd uit de tent en het was weer een stralende dag. Wat een mazzel toch. Dag 4 zonder een wolkje aan de hemel. Na het ontbijt, de grasafwas en het gebruik van het composttoilet, alles ingepakt en om 9.15 op weg. Al snel was ik in het mooie stadje Sint Truiden en na er doorheen gereden te zijn kwam ik al snel in de glooiende Haspengouw.


Kasteelboerderij

Sint Truiden


Voor de bloesem was ik helaas tweee weken te laat. Eindeloos door glooiend landschap, soms steil, met vele boomgaarden. Hier en daar mooie vergezichten, voornamelijk rijdend over tractorstroken. Hier en daar een mooie kasteelboerderij. Opeens duikt dan de basiliek van Tongeren op in een verder leeg landschap, waar de tijd lijkt te hebben stilgestaan. De stad ligt aan de Jeker, een beek die bij Maastricht in de Maas uitmondt.


Tongeren is de oudste stad van België, al uit de tijd van de Romeinen. Er zijn hier en daar nog wat resten uit deze tijd en de stad is zeer de moeite waard om te bezoeken. Echter niet deze keer, want ik wilde zo snel mogelijk richting Visé om de Maasroute op te pakken. Via een fietspad langs de Jeker over een oude spoorlijn kom ik ongemerkt in Wallonië, de Jeker wordt 'Le Geer'. Om in Visé te komen moet ik nog één heuvelrug over. Dat was de eerste keer dat ik uit 'De Bak' moest om hem naar boven te duwen.

Eindelijk boven wacht verlossing


Na een mooie afdaling door het bos, waarbij ik de route van de GR5 passeerde haakte ik aan aan de Maasroute.



Eindelijk langs de Maas
Opslagplaats van boten vlak voor Luik

De Maasroute is uitgezet vanaf de bron nabij Langres in Frankrijk tot de Nederlandse grens. In Nederland volg je dan verder de LF routes naar Hoek van Holland. Deze route wilde ik verder gaan volgen. Het was één van de reden om naar de Wereldfietsersdag te gaan, omdat daar ook een lezing zou zijn van Bert Sitters. Ik heb meerdere lezingen van hem gezien en elke keer was het zeer teleurstellend. Wat dat betreft liet hij me nu niet in de steek. Ik vroeg mij werkelijk af of hij de route zelf gefietst heeft. Hij heeft 3 kwartier gepraat over het Nederlandse deel, over Grave en Ravenstein. Maar foto's voorbij Luik heb ik nauwelijks gezien. Ik begrijp niet dat deze man nog steeds lezingen geeft op dit soort dagen. Overigens hebben ook Wim Schermer en Pé Koomen over hun tocht in 2011 naar de bronnen van de Maas geschreven.
In ieder geval, tot Luik lag er een prima fietspad langs de Maas, alhoewel het industrieel gebied was. Luik zelf is prima te doen, er is een fietspad dat onder de bruggen doorgaat en de passage is geen enkel probleem.

Fietsen door Luik

Maar daarna, wat een drama. Zeer slechte wegen, hobbelend over kasseien. Draaien en keren. Wat een grauwheid, en het houdt niet op, maar gaat tientallen kilometers door. Ik wilde door Luik, dat was prima, maar de rest tot Huy had ik graag overgeslagen. Op één plek kon ik hard afdalen, met 73 kilometer per uur, verderop zag je de weg alweer oplopen. Pas enkele kilometers voor Huy begon het mooi te worden. Na Tihange gepasseerd te zijn kwam ik aan in Huy.


Tihange in zicht



Ik had dorst, was nog niet gestopt sinds mijn vertrek. In een café slokte ik drie flesjes cola naar binnen. Na Huy werd het fietsen weer leuk. Een mooi pad langs de zuidoever van de Maas. Uiteindelijk gereden naar een camping aan een zijriviertje van de Maas, de Samson. Een leuke camping aan een waterval. Helaas was ik de enige gast. Gelukkig was er Jupiler te verkrijgen bij het naastgelegen restaurant.